De Riedpolder | Ontstaan & Waterschap & Wapen

De Riedpolder | Ontstaan & Waterschap & Wapen

Het ontstaan van de Riedpolder   

Wie door de Riedpolder wandelt, bevindt zich op een plek met een opvallende ontstaansgeschiedenis. Het gebied tussen Sexbierum en Wijnaldum is geen gewone polder — het is een voormalig meer, eeuwenlang in handen van de natuur en van adellijke eigenaren die er geen belang bij hadden het te ontginnen.

Een slenk van de Middelzee 

De oorsprong van het Riedmeer — de voorloper van de huidige Riedpolder — ligt diep in de geschiedenis van het Friese kustlandschap. Het meer was van oorsprong een erosielaagte, een zogenoemde slenk, gevormd door de Middelzee. Deze voormalige zeearm doorsneed in de vroege middeleeuwen het hart van Friesland en liet bij haar terugtrekken een landschap na van kwelderwallen, kweldervlakten en laaggelegen, natte laagten. Het Riedmeer, langs de noordzijde van de kwelderwal van Wijnaldum, was zo'n laagte: permanent nat, moerassig en moeilijk te betreden.

Een plaag voor boeren, een bron voor adellijken 

De omliggende boeren hadden eeuwenlang last van het Riedmeer. Het natte gebied belemmerde de landbouw en was te zwaar om intensief te gebruiken. Toch veranderde er niets, want de adellijke eigenaar van het meer had daar geen belang bij. Hij verkreeg zijn inkomsten uit het visrecht en het recht om zwanen te schieten — in die tijd een bijzonder gewild gerecht in adellijke kringen. Zolang die inkomstenbronnen rendeerden, bleef het meer onaangetast.

Drooglegging met dertien molens

Dat veranderde in het begin van de 17e eeuw. De introductie van de poldermolen maakte het voor het eerst technisch mogelijk om grote meren en moerassige laagten droog te leggen. Met de gelijktijdige inzet van maar liefst dertien molens werd het Riedmeer alsnog ingepolderd. Zo ontstond de Riedpolder. Dit was voor die tijd een ingenieuze en grootschalige onderneming, die het gebied volledig van karakter deed veranderen: van onbegaanbaar moeras naar bruikbaar agrarisch land.

Van waterschap tot natuurgebied

In 1913 werd het Waterschap De Riedpolder opgericht, met als taak de regeling van de waterstand en de verkeersgelegenheid in het gebied van ruim 2.900 hectare, gelegen in de gemeenten Barradeel, Franekeradeel en Harlingen. Later fuseerde dit waterschap, zoals zovele kleine Friese waterschappen, op in wat uiteindelijk het huidige Wetterskip Fryslân werd.

Vandaag de dag heeft een deel van de Riedpolder opnieuw een bijzonder karakter gekregen — nu niet als meer of agrarisch land, maar als waardevol weidevogelgebied met rietland, grasland en open water, gelegen op loopafstand van Sexbierum. 

Bronnen:

Wapen van Waterschap "De Riedpolder"

CB. Het wapen van De Riedpolder, verleend bij K. B. van 13 Mei 1935, nr 76.

Beschrijving.
In azuur een golvende dwarsbalk van zilver, vergezeld boven van drie rozen van goud, naast elkander, en beneden van een gouden korenschoof, gebonden van hetzelfde.

Verklaring.
Het waterschap ligt in de gemeenten Barradeel en Franekeradeel. Het azuur van het schild is ontleend aan de wapens dier gemeenten. Het stroompje de Ried, van oorsprong een natuurlijke waterloop, is voorgesteld door den, golvenden dwarsbalk van zilver. De drie rozen zijn genomen uit het
wapen van Franekeradeel, de korenschoof uit het wapen van Barradeel.

Bron: Provinciaal Blad van Friesland, 1936, No. 17
BESLUIT VAN DE GEDEPUTEERDE STATEN van 18 Maart 1936, nr. 112, 2de afdeeling, tot bekendmaking der beschrijvingen en verklaringen van een aantal wapens van Friesche zeewerende waterschappen, veenpolders en boezemwaterschappen, door de Kroon verleend in de jaren 1930 tot en met 1935.


Uit: Windmotoren in Friesland - Een studie naar de opkomst en ondergang van dit bemalingswerktuig in de provincie.
(Stichting Windmotoren Friesland) 

Windmotoren in FrieslandOnmiddellijk ten noordoosten van Harlingen ligt waterschap de Riedpolder. Het is één van de vier grote waterschappen in Friesland die voor 1925 zijn opgericht en waar men is overgegaan tot de plaatsing van minstens drie grote Herkules windmotoren. [ ... ]

Waterschap De Riedpolder ziet in 1913 het levenslicht en in de daaropvolgende jaren worden vier grote Herkules windmotoren aangeschaft voor de bemaling van de polder. De grootste bij Midlum is rond 1920 gereed gekomen, dit is reeds gebleken in paragraaf 5.4. Twee andere molens met een raddiameter van 12 meter staan net achter de zeedijk ten zuidwesten en noorden van Pietersbierum. De laatste is kleinere van stuk (een raddiameter van 7 meter) en is niet ver van Wijnaldum gelegen.